PARTIJPROGRAMMA

MILIEU EN KLIMAAT

In 1972 meende de Club van Rome dat de wereld afstevende op een totale milieuramp. De enige oplossing die men toen zag was het verminderen van de consumptie. Minder mensen, minder energieverbruik, “consuminderen”, grenzen aan de groei. De overtuiging overheerste dat de mens niet zou in staat zijn snel genoeg technologische oplossingen te vinden om het vergaan van de wereld af te wenden. 50 jaar later blijkt deze visie een totaal onrealistische vergissing te zijn. We kunnen de wereld niet vragen om het met minder te doen. Het Westen zou zijn levensstandaard wel erg sterk moeten terugdringen. Het Zuiden zou nooit daar raken waar miljoenen mensen naar verlangen. Het Oosten zou in volle expansie op de rem moeten gaan staan. Wat de Club van Rome niet mogelijk achtte, blijkt de enige oplossing te zijn. Een doorgedreven keuze voor technologische vooruitgang. 

 

West-Europa gaat gebukt onder geïnstitutionaliseerde systemen en monopolies, die deze ontwikkeling in de weg staan. Conservatisme gaat hand in hand met pogingen om toch het consuminderen als norm op te dringen. Terwijl de technologie als een sneltrein rondom ons evolueert, rijden de treinen trager dan 20 jaar geleden. In steden worden mensen gedwongen om onze snelheid van verplaatsen te reduceren onder de 30 per uur. De infrastructuur en het beleid moeten niet alleen radicaal kiezen voor vernieuwing, zij moeten ook een klimaat van vernieuwing breed uitspreiden en faciliteren. Kiezen voor technologische ontwikkeling is geen eenmalige verandering, maar vergt een blijvende inzet.  

 

De klimaatdiscussie zit helemaal vast op de vraag naar de oorzaak en de twist daarover. In een situatie waarin er totale onzekerheid is over de vraag of de mens überhaupt in staat zal zijn om de temperatuur en het klimaat op aarde te regelen. De kans is reëel dat opnieuw een mechanistisch wereldbeeld, zoals bij Covid, tot een nefast beleid aanleiding zal geven. De overheid moet er zich van bewust zijn dat het beslist mogelijk is dat we helemaal geen controle gaan hebben over de dingen. Er staat geen knop op de aarde om de temperatuur te regelen. 

 

Dat wil niet zeggen dat we niet moeten werken aan een properdere leefomgeving, met meer ruimte voor de natuur en met de propere productie van energie. Daar moeten we aan werken vanuit het besef dat we absoluut niet alles weten van zoiets ingewikkeld als het klimaat op aarde. Mochten we 50 jaar geleden gezegd hebben dat we de ambitie hadden om het klimaat op de hele wereld te regelen, men zou ons voor gek verklaard hebben. Intussen is er nochtans niet zoveel veranderd dat we dat nu anders moeten zien. 

 

Als we omwille van het welbevinden van de mensen aandacht hebben voor milieu en klimaat, dan moet de technologie ook rekening houden met dat holistisch te beschouwen welbevinden. Respect voor privacy, inclusiviteit, warmte en allerlei andere zachte waarden zijn net zo belangrijk als de innovatie op zich. Een goede technologische ontwikkeling zal daarmee rekening houden. Lockdowns omwille van het klimaat bijvoorbeeld, passen totaal niet in een dergelijk beleid. Diezelfde menselijke benadering behoort er te zijn in de fase waarin het beleid en de technologie wordt omgezet. Deze transitie mag niet gebeuren ten koste van alles en al zeker niet ten koste van het menselijk welbevinden. Het doel heiligt niet alle middelen. Als het nodig is om bijvoorbeeld nieuwe vormen van kernenergie te bouwen, dan zal dat moeten als dat wordt beoordeeld als de best mogelijke oplossing op dat ogenblik. 

 

In elk geval zal de politiek op vlak van klimaat en energie een politiek op lange termijn moeten zijn, waarbij de focus op korte termijn met het algemeen menselijk welbevinden rekening moet houden. 

 

Vrijheid ondersteunt het principe om te streven naar een CO2 neutrale energieproductie als een nobel streven. Dit streven kan niet gaan ten koste van om het even wat. Het totale welbevinden van de mensen moet constant centraal worden gesteld. Bij de uitwerking van een dergelijk beleid is het van belang oog te hebben voor de totale productie van CO2 door het totale proces. De indruk geven dat bepaalde producten minder CO2 veroorzaken door te focussen op het gebruik ervan of op slechts een deel van de productie geeft aan de mensen een vertekend beeld. Er moet op Europees niveau, en liefst op wereldniveau, een standaard komen die correct weergeeft wat de totale CO2-uitstoot is van een product. Van daaruit kan worden gewerkt aan recyclage en duurzaamheid bij de productie van goederen.

 

Voor Vrijheid is de lokale energieproductie uit niet-fossiele brandstoffen is een absolute must. Regels die het gebruik of de plaatsing beperken van middelen die lokaal energie opwekken, moeten worden afgebouwd. Integendeel moeten er stimuli komen die de mensen en de bedrijven aanmoedigen om creatief in hun eigen woningen of samen te werken aan alternatieve vormen van energieproductie. Hetzelfde geldt voor bedrijven. De procedures voor de plaatsing van dergelijke systemen dienen te worden vereenvoudigd zodat het mogelijk moet zijn om zelfs grote systemen binnen een korte termijn van 3 maanden vergund te krijgen. De toegang tot het energienet moet zo vrij mogelijk zijn om het mogelijk te maken de burgers en bedrijven bij te staan om de energie die zij produceren op te slaan. De beloftes die de overheid heeft gemaakt aan de eigenaars van zonnepanelen dienen te worden uitgevoerd. 

Er moet dringend werk gemaakt worden van enkele grote, efficiënte installaties voor energieopslag. De alternatieve energiebronnen die worden gebouwd renderen onvoldoende omdat zij worden gebruikt afhankelijk van de vraag. Door te investeren in opslag en afgifte van energie kunnen deze installatie beter worden ingezet. 

 

Vrijheid staat zonder taboes open voor alle vormen van technologie om energie te produceren. Deze afweging moet een rationele afweging zijn waarbij op een holistische wijze de meest optimale balans zal moeten worden gevonden. Wellicht en hopelijk gaat door de evolutie van de technologie over enkele jaren deze keuze al anders zijn dan vandaag. Een beetje geduld in deze is daarom niet slecht, of we betonneren ons weer vast in de verkeerde technologie. 

 

Isolatie en optimalisatie van de energievoorziening van woningen is een zeer omvattend en omvangrijk werk. Enkel focussen op isolatie is niet voldoende. Er zijn aspecten van verluchting, van warmte in de zomermaanden, warmteverlies en het gebruik van niet-fossiele energiebronnen. Naast de aanwezigheid van een architect bij nieuwbouw of verbouwingen dient te worden vereist dat de mensen zich laten bijstaan door een ingenieur die hen adviseert over de te gebruiken technieken. De Btw-heffingen op alle technieken die bijdragen tot een vermindering van het warmteverlies enerzijds en het produceren van niet-fossiele energie anderzijds, moeten verdwijnen. 

 

Voor Vrijheid moeten de historische gebouwen ofwel voorzien worden van isolatie en verstandige technieken van niet-fossiele energievoorziening. Ofwel worden ze afgebroken met de productie van voldoende data om een virtueel bezoek aan het gebouw mogelijk te maken. Ofwel worden ze outdoor gemaakt. Dit laatste houdt in dat het gebouw bewaard wordt, maar dat er niet meer in gewoond of gewerkt wordt.  De warmteproductie in het gebouw wordt uitgeschakeld. Het gebouw blijft toegankelijk voor het publiek maar zonder verwarming. Zoiets kan men bijvoorbeeld met het justitiepaleis in Brussel doen. De reductie van het gebouw tot wat historisch relevant is, de verwarming en alle functies eruit, en het gebouw gebruiken zonder verwarming voor allerlei evenementen en toeristische of culturele bezoeken. 

 

Vrijheid vindt dat het verbieden van gasketels niet de goede keuze is. De productie van CO2 neutraal gas (bijvoorbeeld op basis van C02 neutraal geproduceerd waterstofgas) is van strategisch belang. Als de private sector onvoldoende snel investeert in de ontwikkeling daarvan, moet de overheid het voortouw nemen. Dit moet één van de eerste innovatieve werven zijn die de overheid ontwikkelt. We zitten in Vlaanderen met een uitgebreid gasnet dat ons toelaat om ook andere gassen te gebruiken die meer voldoen aan de actuele eisen. Het heeft weinig zin die infrastructuur weg te gooien terwijl er iets nieuws en beter mee kan worden gedaan. 

 

Plastics terugdringen door rietjes te verbieden, die grotendeels in de vuilbak en niet in de zee terechtkomen, is een vorm van schijnbeleid, vindt Vrijheid. Als immers tezelfdertijd in Spanje bergen plastiek van de groenteteelt door de regen naar de zee worden gespoeld. Hetzelfde geldt voor plastiek zakjes die niet in België en West-Europa maar vooral in Azië en Afrika massaal de zee ingaan. In Europa wordt al ingezet op recyclage en dat kan nog veel meer. Ook bij de Spaanse tuinbouw bijvoorbeeld. Vrijheid wil daarom een wereldwijde strijd tegen plastics waar de grote bronnen van deze vervuiling worden aangepakt. Ook de vervuiling met micro-plastics. Een reëel beleid en geen schijn voor de schone schijn zoals een verbod op rietjes in Europa.  

 

Vrijheid wil dat er massaal wordt ingezet op bebossing. De wereld kent intussen een aantal miljardairs met veel rijke vrienden die iets willen terugdoen voor de wereld. Ongetwijfeld heeft het vergaren van hun geld heel wat CO2 uitstoot tot gevolg gehad. Als ze graag met een goede gemoedsrust CO2-neutraal naar de eeuwigheid willen afreizen, dan zou het goed zijn dat ze met hun geld bossen planten. Keuze zat waar dat kan. In Brazilië, Noord-Amerika, Rusland (veel plaats), Afrika en zelfs delen van Europa. Bij voorkeur in het kader van een wereldwijd herbebossingsprogramma dat ook wordt gesteund door de internationale organisaties.  Dat zou een veel strakker plan zijn dan het proberen controleren van de griep en aanverwante respiratoire aandoeningen. Daarvoor is de menselijke kennis nog wat te beperkt. Een bos planten daarentegen, heeft een reële kans op succes, en het is bijzonder goed voor de opname van CO2 en de versterking van de natuur.  Win-win aan alle kanten.  Meteen worden ook goede werven gecreëerd waaraan veroordeelde criminelen een bijdrage kunnen leveren om iets terug te doen aan de maatschappij. Een werkstraf in het belang van de samenleving. Als heel wat landen daaraan deelnemen, kan er behoorlijk wat volk worden voorzien om de miljardairs bij te staan. Een opmerkelijke samenwerking kan dat opleveren. Als een voorbeeld om iedereen zinvol in te schakelen in de maatschappij tot verbetering van zijn welbevinden en zijn ontvoogding, kan Prins Laurent worden gevraagd het voortouw te nemen bij het samenbrengen van de wereld om de herbebossing te realiseren. 

-